Nieuw boek beschrijft de relatie tussen geneesmiddelengebruik en fysiotherapie

Tekst: Frank van Wijck | Beeld: Fotolia

Het is belangrijk voor fysiotherapeuten om kennis te hebben van het geneesmiddelen-gebruik van de mensen die ze behandelen. Bij veel fysiotherapeuten schiet de kennis op dit punt tekort, stelt fysio-/manueel-therapeut Hendrik van der Velde. Zijn boek Fysiotherapie en medicatie – Medicijngebruik en implicaties voor fysiotherapeutisch handelen vult de lacune.

Geneesmiddelengebruik en fysiotherapie: het is een relatie om serieus bij stil te staan, vindt Van der Velde. ‘Denk bijvoorbeeld aan de beurse plekken en onderhuidse bloedingen die je iemand kunt bezorgen die bloedverdunners slikt’, zegt hij. ‘Denk ook aan de valkans van iemand die vijf of meer geneesmiddelen gebruikt en die je op de loopband laat lopen. Of in relatie tot mijn eigen werk als manueel therapeut: denk aan wat er kan gebeuren als je iemand wilt kraken die chronisch corticosteroïden gebruikt. Die kunnen botontkalking in de hand werken, dus het is theoretisch mogelijk dat je bij zo iemand een bot breekt.’

‘Er zijn genoeg fysiotherapeuten die mensen aanraden pijnstillers te gebruiken. Ze hebben geen idee van de invloed die deze kunnen hebben op hartmedicatie of een sluimerende maagzweer’

Toen Van der Velde op zoek ging naar literatuur over de relatie tussen fysiotherapie en geneesmiddelengebruik, merkte hij al snel dat die nauwelijks voorhanden was. ‘Het is echt altijd een ondergeschoven kindje gebleven’, zegt hij, ‘omdat fysiotherapeuten vaak niet door hebben dat incidenten of bijna-incidenten hun oorzaak kunnen vinden in geneesmiddelengebruik van degene die ze behandelen. Valt iemand van een loopband, dan ligt het voor de hand om te denken dat ze gewoon een misstap hebben gemaakt. In de opleiding komt het onderwerp geneesmiddelengebruik helemaal niet aan bod. En patiënten denken er vaak ook zelf niet aan. Ik herinner me nog dat ik een keer aan iemand vroeg of hij gezond was. “Ja kerngezond.” Toen ik vervolgens vroeg of hij geneesmiddelen gebruikte was het antwoord: “Ja insuline”. Die persoon bleek dus toch echt type II diabetes te hebben.’

Zorgvuldig adviseren

Van der Velde dook diep in de materie. Hij vertelt: ‘Zeven jaar geleden vormde het boek Differential diagnosis in physical therapy van Goodman en Snyder de basis voor me om verder te zoeken. Hoe meer ik las, hoe meer vragen in me opkwamen. Niet alleen over geneesmiddelen trouwens, maar ook over alternatieve behandelwijzen. Ik ken voorbeelden van collega’s die mensen bij urineweginfecties cranberrysap aanraden, terwijl de literatuur klip en klaar stelt dat hier geen evidentie voor bestaat. We pretenderen evidence based te werken, dus ik vind dat we de verplichting hebben zorgvuldig met dit soort adviezen om te gaan. Bovendien is het de vraag of wij überhaupt wel wat mogen zeggen over medicatie. We zijn tenslotte geen farmacologen of huisartsen. Toch zijn er genoeg fysiotherapeuten die mensen aanraden pijnstillers te gebruiken. Ze hebben geen idee van de invloed die deze kunnen hebben op hartmedicatie of een sluimerende maagzweer.’

Dus schreef Van der Velde zijn boek, bedoeld om zichzelf en zijn vakgenoten de basiskennis bij te brengen die nodig is om op verantwoorde wijze rekening te kunnen houden met de invloed die iemands geneesmiddelengebruik kan hebben op het werk van de fysiotherapeut. ‘De basisboodschap is dat je als fysiotherapeut in staat moet zijn om de risico’s in te schatten’, zegt hij. ‘Ga niet zelf adviezen verstrekken, maar verwijs dan naar de huisarts. En hoor je dat iemand vijf of meer geneesmiddelen gebruikt, verzoek dan eerst om goedkeuring door de huisarts voordat je die persoon gaat behandelen.’

Deskundigheidsbevordering

Betekent dit dat de beslissing zonder verwijzing naar de fysiotherapeut te kunnen onterecht is? ‘Nee, zeker niet’, zegt Van der Velde. ‘Maar het betekent wel dat je als fysiotherapeut kritisch moet blijven bij iedereen die je in de behandelkamer krijgt. Mijn boek helpt daarbij op het punt van de relatie tussen medicijngebruik en fysiotherapie. Het is bedoeld als deskundigheidsbevordering zonder op de stoel van de arts te gaan zitten. Het Farmacotherapeutisch Kompas raadplegen volstaat niet, want het dat beschrijft niet de implicaties van geneesmiddelengebruik voor de fysiotherapie. Mijn boek bespreekt die implicaties wel en ook de verantwoordelijkheid die je er als fysiotherapeut in hebt. Die kennis zou ook een onderwerp moeten zijn in onze opleiding. In de Verenigde Staten is dit al zo. En in Engeland mogen fysiotherapeuten na aanvullend onderwijs in bijzondere gevallen medicatie voorschrijven. Ik zie het nog niet zitten dat Nederlandse fysiotherapeuten medicijnen gaan voorschrijven, maar farmacologie als verplicht onderdeel in de opleiding tot fysiotherapeut zou ik toejuichen. Het is tijd voor een deskundigheidsbevordering farmacologie.’


Tip

E-learning Veilige fysiotherapie bij medicijngebruik | Geaccrediteerd

In deze e-learning worden de belangrijkste groepen geneesmiddelen, hun werkingen en bijwerkingen op een rij gezet. De geneesmiddelgroepen die worden behandeld zijn middelen bij hart- en vaatziekten, longziekten, diabetes mellitus, reumatoïde artritis (‘reuma’), de ziekte van Parkinson, migraine en pijn in het algemeen en enkele bijzondere vormen van pijn.

Accreditatie: 2 punten voor de registers Algemeen fysiotherapeut en Geriatriefysiotherapeut | Studieduur: ongeveer 2 uur

De e-learning is gratis te volgen door (proef)abonnees van BSL Fysiotherapeut Totaal.

Ga voor meer informatie en/of om de e-learning te starten naar E-learning Veilige fysiotherapie bij medicijngebruik.