Invloed psychosociale belasting op sportprestaties en blessures | Promotieonderzoek

Eigenlijk zouden coaches goed moeten weten wat er in het privéleven van een topsporter speelt om prestaties te verbeteren. Want niet alleen fysieke belasting (toegenomen belasting en verminderd herstel), maar ook psychosociale belasting blijkt samenhang te vertonen met minder goede sportprestaties en een grotere kans op blessures. Dat stelde bewegingswetenschapper Ruby Otter vast op basis van onderzoek onder 115 Groningse duursporters. 

Iedereen weet dat trainingsschema’s van groot belang zijn voor topsporters. Om overbelasting te voorkomen, moeten inspanning (training) en herstel (rust) goed op elkaar afgestemd zijn. Het ligt voor de hand dat ook ingrijpende gebeurtenissen en belasting in het privéleven van sporters invloed hebben op de sportprestaties. Maar hoe fysieke en psychosociale belasting en herstel elkaar wederzijds beïnvloeden, daarnaar was nog geen onderzoek gedaan.

Voor haar onderzoek volgde Otter twee jaar lang de prestaties van 115 duursporters (hardlopers, wielrenners, roeiers, schaatsers en triatleten) in en rondom de stad Groningen. De sporters hielden zelf iedere dag hun trainingsbelasting en eventuele blessures bij. Ook vulden ze regelmatig (variërend van wekelijks tot driewekelijks) een vragenlijst in over psychosociale belasting en herstel, en deden ze iedere zes weken een inspanningstest in het SportsFieldLab Groningen.

Otter concludeert onder andere dat een ingrijpende levensgebeurtenis bij hardlopers niet alleen direct zorgt voor een grotere psychosociale belasting, maar dat deze ook doorwerkt in een verslechterde loopeconomie (de hoeveelheid energie die nodig is om op een bepaalde snelheid te lopen) drie weken later. De prestaties van vrouwelijke fietsers gaven hetzelfde beeld: een toename van psychosociale belasting hing ook bij hen samen met verminderde prestaties. Om veranderingen in de prestaties goed te kunnen interpreteren, moeten coaches kortom rekening houden met persoonlijke omstandigheden.

Ruby Otter (1986) behaalde haar mastertitel Bewegingswetenschappen aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Ze verrichtte haar promotieonderzoek bij het Instituut voor Sportstudies van de Hanzehogeschool Groningen, en het Centrum voor Bewegingswetenschappen en onderzoeksinstituut SHARE van het Universitair Medisch Centrum Groningen. Otter is naast docent inspanningsfysiologie aan de Hanzehogeschool Groningen, adviseur TopsportTopics bij Kenniscentrum Sport. Ze beantwoordt vragen van topcoaches aan de hand van wetenschappelijke literatuur. Ook schrijft ze samenvattingen van relevante artikelen met praktische adviezen voor de (top)sportpraktijk.

Het onderzoek werd uitgevoerd aan het Instituut voor Sportstudies van de Hanzehogeschool en het Centrum voor Bewegingswetenschappen van het UMCG.  Otter promoveerde 6 april 2016 op het proefschrift Monitoring endurance athletes: A multidisciplinary approach aan de Medische Wetenschappen / UMCG.

Bron: Rijksuniversiteit Groningen / Kenniscentrum Sport
Beeld: Fotolia


Tip

Lees meer over (sport)blessures:

Boeken

Cover Evidence based diagnostiek van het bewegingsapparaat_Verhagen_9789036807609-157-3d_CropFA    Cover Aandoeningen van het bewegingsapparaat_9789031315727-157-3d_CropSMFA Cover Onderzoek en behandeling van de voet 9789031375837-115_CropThema     Onderzoek en behandeling van peesaandoeningen – tendinose_9789031347636-76

Cover Onderzoek en behandeling van de knie_9789031352050-157-3d_CropThema    Cover Onderzoek en behandeling van sportblessures van de onderste extremiteit9789031391905-157-3d_CropSMxll    Cover Onderzoek en behandeling van anterieure kniepijn 9789031385867-157-3d_CropThema    cover